Zelfstandige bouwvakker bouwt een aanvullend pensioen op
Assurman · Bouwverzekeringen op maat

Aanvullend pensioen
voor de bouw

Want je wettelijk pensioen alleen volstaat niet.

Als zelfstandige in de bouw is je wettelijk pensioen vaak laag. Met een aanvullend pensioen bouw je extra kapitaal op, fiscaal voordelig. Er zijn vier formules: VAPZ, POZ, IPT en de groepsverzekering. Wij helpen je de juiste kiezen voor jouw situatie.

Geen verkooppraatjes: we bekijken samen welke formule het meeste oplevert voor jouw situatie.

In het kort
  • Je wettelijk pensioen als zelfstandige is laag: een aanvullend pensioen vult dat gat op, met een stevig fiscaal voordeel.
  • Er zijn vier formules in de tweede pijler: VAPZ, POZ, IPT en de groepsverzekering. Welke past, hangt af van je situatie.
  • Zonder vennootschap combineer je VAPZ met POZ. Met vennootschap combineer je VAPZ met een IPT die je vennootschap betaalt.
  • Heb je personeel, dan geef je hen een aanvullend pensioen via een groepsverzekering.
  • De premies zijn fiscaal aftrekbaar binnen de wettelijke grenzen, en je kan formules combineren om je voordeel te maximaliseren.
Wat is het?

Aanvullend pensioen: de tweede pijler

Een aanvullend pensioen is pensioenkapitaal dat je bovenop je wettelijk pensioen opbouwt. Je stort periodiek een bijdrage bij een verzekeraar, die het kapitaal opbouwt en beheert. Bij je pensioen krijg je dat uitgekeerd, als eenmalig bedrag of als rente. Voor een zelfstandige in de bouw is dat geen luxe, maar noodzaak: het wettelijk pensioen van een zelfstandige ligt structureel laag.

In België is het pensioen opgebouwd in vier pijlers. Deze pagina gaat over de tweede pijler: het professioneel aanvullend pensioen dat je opbouwt via je beroep. Daar zitten de formules VAPZ, POZ, IPT en de groepsverzekering. Welke je gebruikt, hangt af van je statuut: zelfstandige met of zonder vennootschap, of werkgever met personeel.

De keuze is geen of-of. Veel zelfstandigen combineren formules: een VAPZ als basis, en daarbovenop een POZ of een IPT. Zo bouw je sneller op en haal je het maximum uit je fiscale ruimte. Op deze pagina helpen we je de juiste mix kiezen en sturen we je door naar de formule die bij jou past.

De vier pensioenpijlers

Pijler 1

Wettelijk pensioen

Van de overheid, via je sociale bijdragen. Voor zelfstandigen vaak laag.

Pijler 2 · focus

Aanvullend via je beroep

VAPZ, POZ, IPT en de groepsverzekering. Dit is waar deze pagina over gaat.

Pijler 3

Individueel sparen

Pensioensparen en langetermijnsparen, privé en met fiscaal voordeel.

Pijler 4

Eigen vermogen

Spaargeld, beleggingen en vastgoed voor je oude dag.

Is het verplicht?

Moet ik als zelfstandige een aanvullend pensioen opbouwen?

Nee.

Een aanvullend pensioen is nooit verplicht. Maar omdat je wettelijk pensioen als zelfstandige laag is, is het sterk aangeraden.

Het wettelijk pensioen is laag

Niet verplicht, wel nodig. Het wettelijk pensioen van een zelfstandige ligt vaak een stuk onder dat van een werknemer met hetzelfde inkomen. Zonder aanvulling val je bij je pensioen sterk terug in levensstandaard.

De fiscus stimuleert het

Niet verplicht, wel fiscaal beloond. De overheid maakt aanvullend pensioen aantrekkelijk via aftrekbare premies. Wie niets doet, laat dat voordeel jaarlijks liggen.

Hoe vroeger, hoe meer

Niet verplicht, maar tijdgevoelig. Hoe vroeger je start, hoe langer je kapitaal kan groeien. Een paar jaar uitstel kost op het einde vaak meer dan je denkt.

Personeel binden

Niet verplicht voor bedienden. Heb je personeel, dan is een groepsverzekering een sterk extralegaal voordeel om vakmensen aan te trekken en te houden.

De formules

Vier formules. Welke past bij jou?

De tweede pijler bestaat uit vier formules. Welke je gebruikt, hangt af van je statuut en of je personeel hebt. Vaak combineer je er twee. Hieronder zie je per formule voor wie ze is en wat ze oplevert. Klik door voor alle details.

VAPZ

Elke zelfstandige in hoofdberoep

Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen

De basis voor elke zelfstandige, met of zonder vennootschap. Je premie is aftrekbaar via je sociale bijdragen en je betaalt er minder sociale bijdragen door. In 2026 kan je tot 8,17% van je inkomen storten (gewoon VAPZ) of 9,40% (sociaal VAPZ). Start hier als je nog niets hebt.

Bekijk VAPZ

POZ

Zelfstandige zonder vennootschap

Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen

Bovenop je VAPZ, als je een eenmanszaak hebt en geen vennootschap. De POZ laat je extra opbouwen binnen de 80%-regel, met een belastingvermindering op de premies. De tegenhanger van de IPT, maar dan voor wie zonder vennootschap werkt.

Bekijk POZ

IPT

Bedrijfsleider met vennootschap

Individuele Pensioentoezegging

Bovenop je VAPZ, als je via een vennootschap werkt. Het mooie: je vennootschap betaalt de premie en trekt die af als beroepskost binnen de 80%-regel. Zo bouw je een fors pensioen op met geld van je vennootschap in plaats van je nettoloon.

Bekijk IPT

Groepsverzekering

Werkgever met personeel

Aanvullend pensioen voor je personeel

Niet voor jezelf, maar voor je werknemers. Als werkgever bouw je een aanvullend pensioen op voor je arbeiders en bedienden. Fiscaal voordeliger dan cash loon en een sterk argument om goed personeel te binden in een sector waar vakmensen schaars zijn.

Bekijk groepsverzekering

En privé? Naast je beroep kan iedereen sparen in de derde pijler: pensioensparen en langetermijnsparen, allebei met een belastingvoordeel. Dat staat los van je beroep en je combineert het gerust met je tweede pijler. Meer daarover lees je in het stuk over de fiscaliteit hieronder.

In de praktijk

Waarom een aanvullend pensioen in de bouw?

Bouwvakkers werken hard en fysiek, vaak met een onregelmatig inkomen. Net daarom telt een goed opgebouwd pensioen dubbel. Een aanvullend pensioen is bovendien een van de meest fiscaal voordelige manieren om geld opzij te zetten.

Het gat met je actief inkomen

Je wettelijk pensioen ligt vaak fors onder je laatste inkomen. Een aanvullend pensioen verkleint dat gat zodat je je levensstandaard behoudt.

Fiscaal slim opbouwen

Elke euro die je in je tweede pijler stort, levert een fiscaal voordeel op. Je bouwt pensioen op met geld dat je anders deels aan belastingen kwijt was.

Combineren loont

VAPZ als basis, daarbovenop een POZ of IPT. Wie de formules slim stapelt, haalt het maximum uit zijn fiscale ruimte en bouwt sneller op.

Fiscaal voordeel

Wat levert een aanvullend pensioen fiscaal op?

Het fiscale voordeel is precies wat een aanvullend pensioen zo aantrekkelijk maakt. Hoe groot het is, hangt af van de formule die je kiest. De grote lijnen zetten we hieronder op een rij. De exacte berekening maken we samen.

1

Aftrekbare premie of belastingvermindering

In de tweede pijler is de premie meestal aftrekbaar: via je sociale bijdragen (VAPZ) of als beroepskost van je vennootschap (IPT). Bij een POZ en in de derde pijler krijg je een belastingvermindering op de gestorte premie. Het mechanisme verschilt per formule, het voordeel blijft.

2

De 80%-regel

Voor IPT, POZ en de groepsverzekering geldt de 80%-regel: je wettelijk en aanvullend pensioen samen mogen niet meer bedragen dan 80% van je laatste normale brutojaarloon. Stort je meer, dan is het stuk boven die grens niet langer aftrekbaar. Wij rekenen dat vooraf voor je uit.

3

Premietaks 4,40%

Op de premies van een tweede- of derdepijlerverzekering geldt een premietaks van 4,40%. Die is in het voordeel doorgaans ruimschoots verrekend. Bij de uitkering gelden later nog afzonderlijke bijdragen en belastingen, die we per formule met je doornemen.

Tweede pijler vs derde pijler

Tweede pijler (beroep): VAPZ, POZ, IPT en groepsverzekering. De premie is meestal aftrekbaar als beroepskost of via je sociale bijdragen, met de hoogste hefboom. Derde pijler (privé): pensioensparen en langetermijnsparen. Hier krijg je een belastingvermindering. In 2026 kan je in pensioensparen kiezen tussen maximaal 1.050 euro (30% vermindering) of 1.350 euro (25% vermindering). In langetermijnsparen kan je tot 2.450 euro storten met 30% vermindering, al hangt je ruimte daar samen met een eventueel woonkrediet. De derde pijler vult je tweede pijler aan; ze sluiten elkaar niet uit.

Aanvullend pensioen opbouwen in de bouw

Zelfstandige in de bouw?
Ontdek welk aanvullend pensioen bij jou past.

Start nu in 2 minuten of kies meteen voor persoonlijk advies.

Doe de scan nu
Per beroep

Het juiste pensioen voor jouw stiel

Met of zonder vennootschap, met of zonder personeel? Hieronder de aanpak per discipline.

Voor dakwerkers

Werk je als zelfstandige dakwerker met een eenmanszaak, dan start je met een VAPZ en bouw je bij met een POZ. Heb je een vennootschap, dan vervang je de POZ door een IPT die je vennootschap betaalt.

Bekijk sectorpagina

Voor metsers en algemene aannemers

Veel algemene aannemers werken via een vennootschap. Dan combineer je VAPZ met een IPT. Heb je bedienden op kantoor, dan geef je hen een aanvullend pensioen via een groepsverzekering.

Bekijk sectorpagina

Voor loodgieters

Als zelfstandige loodgieter zonder vennootschap leg je de basis met een VAPZ en bouw je bij met een POZ. Wij bekijken samen hoeveel fiscale ruimte je nog hebt.

Bekijk sectorpagina

Voor elektriciens

Werk je via een vennootschap, dan is een IPT vaak de sterkste hefboom: je vennootschap betaalt de premie en trekt die af. Daarbovenop houd je je VAPZ als basis.

Bekijk sectorpagina

Voor schilders

Een schilder met een eenmanszaak start met een VAPZ en POZ. Wil je ook privé een extra belastingvoordeel, dan voeg je pensioensparen toe in de derde pijler.

Bekijk sectorpagina

Voor schrijnwerkers

Of je nu met een eenmanszaak of een vennootschap werkt: we stemmen de mix van VAPZ, POZ of IPT af op je statuut en je fiscale ruimte. Heb je personeel, dan komt de groepsverzekering erbij.

Bekijk sectorpagina
Mijn situatie

Welke formule past bij jouw situatie?

Drie typische situaties uit de Belgische bouwsector. Vind de jouwe en zie meteen naar welke formule(s) je moet kijken.

Je hebt een eenmanszaak. Je basis is een VAPZ: aftrekbaar via je sociale bijdragen en meteen een verlaging van die bijdragen. Is je VAPZ-ruimte vol en wil je meer opbouwen, dan komt daar een POZ bovenop.

Praktisch: VAPZ eerst, POZ erbovenop. Zo benut je je volledige fiscale ruimte als zelfstandige zonder vennootschap. Bekijk de details op de pagina's over VAPZ en POZ, of doe de scan en wij rekenen het voor je uit.

Je werkt via een vennootschap. Ook hier blijft de VAPZ de persoonlijke basis. De grote hefboom daarbovenop is een IPT: je vennootschap betaalt de premie en trekt die af als beroepskost, binnen de 80%-regel.

Praktisch: VAPZ als basis, IPT via je vennootschap erbovenop. Zo bouw je een fors pensioen op met geld van je vennootschap. Bekijk de details op de pagina's over VAPZ en IPT, of doe de scan voor een berekening op maat.

Je hebt werknemers en wil hen een aanvullend pensioen bieden. Dat doe je met een groepsverzekering: je bouwt als werkgever pensioen op voor je arbeiders en bedienden, fiscaal voordeliger dan cash loon.

Praktisch: een groepsverzekering is een sterk extralegaal voordeel om vakmensen te binden. Bekijk de details op de pagina over de groepsverzekering, of doe de scan en wij stemmen het plan af op je personeelsbestand.

Opbouw en uitkering

Hoe verloopt het van premie tot pensioen?

Een aanvullend pensioen is een traject van jaren. Hieronder zie je hoe het loopt, van je eerste storting tot de uitkering bij je pensioen.

Stap 1

Formule kiezen

Samen bepalen we welke formule(s) bij je passen: VAPZ, POZ, IPT of een combinatie. We houden rekening met je statuut, je inkomen en je fiscale ruimte.

Stap 2

Premies storten

Je stort periodiek of jaarlijks binnen de wettelijke grenzen. De verzekeraar belegt en beheert het kapitaal, en jij geniet elk jaar het fiscale voordeel.

Stap 3

Opvolgen

Je volgt je opgebouwde reserve op via je jaarlijkse fiche en via MyPension, waar je je volledige aanvullend pensioen samen ziet. We sturen bij waar nodig.

Stap 4

Uitkering bij pensioen

Bij je pensioen krijg je het kapitaal uitgekeerd, als eenmalig bedrag of als rente. Op de uitkering houdt de verzekeraar de wettelijke bijdragen en belastingen in. Het nettobedrag hangt af van loopbaan, leeftijd en formule.

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen over je aanvullend pensioen

Concrete vragen van zelfstandigen in de bouw: klik open voor het antwoord.

De tweede pijler is je professioneel aanvullend pensioen: VAPZ, POZ, IPT en de groepsverzekering, opgebouwd via je beroep. De derde pijler is individueel sparen dat je privé afsluit: pensioensparen en langetermijnsparen. De tweede pijler heeft doorgaans de grootste fiscale hefboom, de derde pijler vult ze aan.

De VAPZ is de basis voor elke zelfstandige, met of zonder vennootschap. De POZ bouw je bovenop je VAPZ als je geen vennootschap hebt. De IPT bouw je bovenop je VAPZ als je wel een vennootschap hebt, want dan betaalt je vennootschap de premie. POZ en IPT zijn dus elkaars tegenhanger, afhankelijk van je statuut.

Je wettelijk pensioen en je aanvullend pensioen samen mogen niet meer bedragen dan 80% van je laatste normale brutojaarloon. Stort je meer, dan is het stuk boven die grens niet langer fiscaal aftrekbaar. De regel geldt voor IPT, POZ en de groepsverzekering. Wij berekenen je ruimte vooraf.

Ja, en dat is vaak de slimste aanpak. De VAPZ is de basis, en daarbovenop combineer je een POZ (zonder vennootschap) of een IPT (met vennootschap). Privé kan je daarnaast nog pensioensparen in de derde pijler. Zo benut je je volledige fiscale ruimte.

Je opgebouwde reserve blijft van jou. Stop je je activiteit, dan stopt de opbouw, maar het kapitaal blijft staan en groeit verder tot je pensioen. Bij je pensioen wordt het uitgekeerd. Wij bekijken samen wat het best past op het moment dat je stopt.

Dat hangt af van de formule. Bij de VAPZ kan je in 2026 tot 8,17% van je inkomen storten (gewoon) of 9,40% (sociaal). Bij IPT en POZ wordt je ruimte bepaald door de 80%-regel. In pensioensparen kan je in 2026 maximaal 1.050 euro of 1.350 euro storten. We rekenen je persoonlijke maximum voor je uit.

Ja. Het wettelijk pensioen van een zelfstandige ligt structureel lager dan dat van een werknemer met een vergelijkbaar inkomen. Net daarom is een aanvullend pensioen voor zelfstandigen geen luxe maar bijna een noodzaak om je levensstandaard te behouden.

Hoe vroeger, hoe beter. Je kapitaal heeft dan meer tijd om te groeien en je spreidt het fiscale voordeel over meer jaren. Een paar jaar uitstel kost op het einde vaak meer dan je denkt. Begin dus zo snel als je inkomen het toelaat.

Bij de meeste formules kan je een begunstigde aanduiden die het opgebouwde kapitaal ontvangt als je overlijdt vóór je pensioen, vaak je partner of kinderen. De exacte regeling en eventuele extra overlijdensdekking verschillen per formule en polis. We leggen het je per formule uit.

Ja, met een IPT. Dat is net het grote voordeel: je vennootschap stort de premie en trekt die af als beroepskost, binnen de 80%-regel. Zo bouw je pensioen op met geld van je vennootschap in plaats van je nettoloon. Heb je geen vennootschap, dan gebruik je een VAPZ en een POZ.

Dat hangt af van het type belegging. Bij een tak21-formule geniet je een gewaarborgd rendement, soms aangevuld met een winstdeelname: veiligheid voorop. Bij een tak23-formule beleg je in fondsen met meer rendementskansen maar zonder kapitaalgarantie. Veel mensen combineren beide. We stemmen het af op je risicoprofiel.

Je krijgt jaarlijks een pensioenfiche van je verzekeraar. Daarnaast zie je je volledige aanvullend pensioen op MyPension, het officiële platform van de overheid. Daar staan al je aangesloten plannen en je opgebouwde reserve samen.

Ondersteund door sterke verzekeringspartners

Start met Assurman

Bouw aan je pensioen, fiscaal slim

Werk je in de bouw en wil je weten welke formule het meeste oplevert voor jouw situatie? Wij rekenen het samen met jou uit, zonder verplichting.